GESLAAGD JUNI 2025
Vol enthousiasme brachten 5 afstuderende theesommeliers, als afsluiter van hun opleiding @theeacademievlaanderen, een mooie eindpresentatie naar voor. Het resultaat van een persoonlijke studie over een zelfgekozen thee. Heel creatief toverden jullie weer heerlijke aroma’s en lekkere smaken tevoorschijn.
Proficiat Bianca Vanhamel, Christel Vande Velde, Nelly Nellissen, Yoni Janssens en Ewout Dauw! 🥳💚🌱
Bianca Vanhamel /
Bianca nam ons mee naar de Sakamoto Tea Garden van de broers Shuichiro en Masato Sakamoto, gelegen in de hooglanden van Shibushi, in de zuidwestelijke prefectuur Kagoshima (Japan). We proefden een uitzonderlijke Gyokuro, een blend van de cultivars Asanoka, Saeakari en Sakimidori. De theeplanten werden gedurende de laatste 18 dagen vóór de pluk overschaduwd. Het gaat hier om een allereerste lentepluk, een ichibancha. De gebroeders Sakamoto telen hun thee volledig biologisch. Geen bestrijdingsmiddelen, alleen de vulkanische, mineraalrijke bodem gevoed met hun zelfgemaakte bokashi-meststof. Bianca experimenteerde met verschillende zetmethoden, die telkens nieuwe smaken en aroma’s naar voren brachten. Ze stelde ons de volgende zetmethoden voor. De thee gezet in een geëmailleerde gietijzeren theepot gaf een heldergele infusie, geurend naar groene groenten, courgette en zeewier. De smaak was zeer rijk aan umami . Bij een tweede infusie proefden we zoetere, meer grassige tonen, die doen denken aan jonge asperge. Het monddrogend effect loerde even om de hoek. Een derde infusie genoot niet onze voorkeur. Wrangheid nam te veel de overhand. In een keramische Hōhin gezet gaf de eerste infusie een gele kopkleur, met een zijdezachte bouillonachtige umamismaak, en een fluweelachtige textuur. Het natte blad rook heerlijk vegetaal, naar gestoomde groenten met een vleugje zeewier. Bij latere infusies werd de kleur groener, en traden bitters en astringentie meer op de voorgrond. Kortom, een verkwikkende thee die niet alleen de geest helder maakt, maar ook zorgt voor innerlijke rust. “Het is precies dat evenwicht,” zegt Bianca, “de alerte kalmte, waar ik zo van hou in deze thee.”
Christel Vande Velde/
Christel liet ons kennismaken met het ‘land van de Lao’. Zowel in het berggebied in het noorden van Laos, grenzend aan de Chinese provincie Yunnan, als op het Bolaven-plateau, een vulkanisch hoogland in het zuiden, wordt thee verbouwd. Na een interessante uiteenzetting over deze theegebieden en hun specialiteiten – zoals de smoky Bang Lao, bewaard in bamboebladeren of bamboestengels – zette Christel voor ons een groene thee afkomstig van de Shan-theeplant uit de Paksong-theetuinen, gelegen op het Bolaven-plateau. Een zeer vruchtbaar gebied met een mineraalrijke, vulkanische bodem, veel regen, een hoge luchtvochtigheid, een poreuze bodem die zorgt voor een goede drainage, en een bebossing die zorgt voor de nodige schaduw. Een ideale terroir voor theeplanten. De groene thee van Artisans du Monde werd in het vroege voorjaar met de hand geplukt. Het droge blad is groot en gedraaid, heeft een licht blauwgroene kleur met een zilvergroene schijn, en geurt wat zurig. De theeblaadjes werden kort geïnfuseerd in water van 80°C. De infusie is goudkleurig, helder en geurt enigszins geroosterd. De typisch ‘groene’ toets, die doet denken aan groenten en asperge, is weliswaar ondergeschikt aan meer overheersende aardse smaken en toetsen van hout en mineralen. Er valt zelfs een vleugje tabak en rook te bespeuren. In de smaak zit weinig bitters. De thee heeft iets fris-bloemigs, komt zacht binnen, zorgt vrij snel voor astringentie en een poederig gevoel op de tong, en blijft mooi lang nasmaken. Het natte blad ziet er kakigroen uit, vertoont bruine verkleuringen ter hoogte van de bladranden en geurt naar nat hout, nat hooi, aarde en kalk. Een mooie kennismaking met een voor velen van ons nog vrij onbekend theeland.
Nelly Nellissen /
Nelly ging onlangs op theereis in China en verloor er haar hart aan een bijzondere zwarte thee uit Wuyi, een Zhangshan Xiaozhong uit 2024. Ze ontmoette er de producent Wu Chongfa, en zijn vrouw Chen Chunfeng. Nelly bestudeerde zowel de thee gemaakt van jonge bomen (20 jaar oud), als de thee gemaakt van oude bomen (meer dan 100 jaar oud). De thee komt uit Tongmuguan, waar ook Jin Jun Mei vandaan komt. De cultivar heet Qi Zhong (ook bekend als Xian Cai Cha), en de terroir biedt uitstekende omstandigheden voor thee. Het droge blad is donkerbruin tot zwart van kleur, en mooi regelmatig gevormd. De blaadjes van de jonge bomen zijn fijner en minder lang. De blaadjes van de oude bomen zijn voller van geur. De thee geeft een heldere infusie. Tijdens het zetten verandert de kleur van lichte boterkaramel naar diep barnsteen. De hoofdtonen zijn roos, mout, bamboe, chocolade, melk/boter, honing/karamel, citrus en lychee. Bij de oude bomen thee kwam er nog hout, mos, droge bergkruiden, miniraliteit en iets dierlijks bij. De subtielere geuren en smaken zijn zeer veelzijdig: amandelbiscuit, vanille, kervel, jodium, asperge, droog hout, wilde bloemen, lieve-vrouwe-bedstro, ozon, koekkruiden, rabarber, gember, peer, meloen, zout en ijzer. De thee is complex en gelaagd, maar tegelijkerijd ook heel toegankelijk. Er valt nauwelijks bitterheid of astringentie te bespeuren. De thee is bovendien zeer tolerant bij het zetten. Je kunt er weinig fout mee doen. Het mondgevoel is fluwelig zacht, milky en licht olieachtig. In de nasmaak is er de frisheid van munt, met roos en een zoetheid die lang blijft hangen. Dankjewel Nelly voor het prachtige gedicht ‘Zoals’ van Judith Herzberg, dat de thee mooi begeleidde.
Yoni Janssens/
Hoewel Yoni zich tijdens haar opleiding sterk aangetrokken voelde tot theeklassen als oolong, witte thee en post-gefermenteerde thee, koos ze er uiteindelijk voor om zich te verdiepen in het verhaal van Japanse sencha. Deze groene thee onderscheidt zich voor haar duidelijk van alle andere soorten, én roept bovendien warme herinneringen op aan haar reis door Japan. Tijdens haar presentatie nam Yoni ons mee langs de oorsprong van sencha, de invloed van terroir en het belang van bekende productiegebieden zoals Shizuoka, Kagoshima, Uji en Mie. Ook de oogstmethoden en het productieproces werden helder en gestructureerd uiteengezet. We mochten twee verschillende sencha’s proeven: één uit 2024 en een bijzonder frisse voorjaarssencha uit 2025. De droge blaadjes waren naaldvormig en diep donkergroen van kleur. Op traditionele wijze bereidde Yoni de thee in een kyusu, met een verhouding van 6 gram thee op 200 ml water en een trektijd van één minuut. Na infusie ontvouwde zich een helder lichtgroen kopje met een subtiele gouden glans. De voorjaarssencha uit 2025 verraste door zijn complexiteit: zoet en rijk aan umami, met smaaklagen die deden denken aan de zee, gestoomde jonge groenten en een vleugje munt. De geur was zachtzoet, met een toets van warme melk. In de mond gaf de thee een filmend, rond en gelaagd gevoel. De sencha uit 2024 daarentegen had een soberder profiel, met minder aroma en sneller merkbare astringentie. Toch bood ook deze thee waardevolle inzichten in de invloed van oogstjaar en versheid op de uiteindelijke smaakervaring. De natte blaadjes toonden in beide gevallen een frisgroene kleur, en bestonden vooral uit kleinere, gebroken stukjes.
Ewout Dauw/
Ewout liet ons kennismaken met een bijzondere, tot tuocha geperste Shu Pu’er: een blend van Da Ye Zhong-theebladeren uit Lincang, Xishuangbanna en Pu’er, geproduceerd in de Xiaguan Tea Factory in Dali. De naam “Tuo Tea sold to France” verwijst naar het verhaal van hoe deze thee ooit zijn weg vond naar Frankrijk en de rest van Europa. Na uitgebreid testen en proeven besloot Ewout de thee volgens de Gong Fu Cha-methode te zetten in een geglazuurd theepotje (7 gram/100 ml, 95°C, flash brew). De bijna zwarte, droge theebladeren geuren naar potgrond, droog hout, frisse specerijen met een licht zurige toets die doet denken aan een composthoop. De donkerbruine, ondoorzichtige, infusie geurt plantaardig zoet, met subtiele minerale en zilte accenten. Bij elke nieuwe infusie ontwikkelt het aroma verder van natte herfstbladeren naar dennenhout, met op de achtergrond een vleugje kamfer. Het deksel van de theepot voegt daar een onverwachte geur aan toe, die van te sterk gebrande popcorn. In de mond is de thee vol en krachtig, met een stevige body en een hoog smaakgehalte. We proeven een pittige, zoete, lichtzure toets, die later plaatsmaakt voor hints van teer en sigaretten. Het zoete doet denken aan bruine suiker. Het natte blad geurt aanvankelijk zoet, met associaties van dadel en stroop, aangevuld met een steranijsachtige kruidigheid. Vervolgens evolueren de aroma’s richting truffel en turf, zetmeel-zoete accenten, nat bos, mos, mineralen en champignons, tot zelfs een zweem van balsamicoazijn. Nog later duikt rode biet op, met aardse tonen van truffel en een vleugje zwarte peper. De nasmaak, de terugkerende zoetheid, het volle mondgevoel en de sterk aanwezige Cha Qi maken van deze thee een gelaagde en complexe ervaring die ons diep wist te bekoren.